Nieuws

Blog Hetty Vlug

11 december 2017

Hetty Vlug blogt tweewekelijks over haar ervaringen en inzichten als directeur van de coöperatie Passend Onderwijs Almere en bestuurder van Almere Speciaal, het Taalcentrum en het OPDC."

 

Het allergrootste probleem waarmee de publieke sector in Nederland in de toekomst te kampen krijgt is het krijgen van goed personeel. En dan vooral personeel dat het handwerk doet, dus dagelijks met mensen in de weer is om onderwijs te geven of zorg te verlenen. De kwaliteit van deze vormen van publieke dienstverlening valt of staat met het enthousiasme, de professionaliteit en de hartstocht waarmee deze ‘frontlijnwerkers’ hun werk doen.

De waardering van hun werk is de laatste decennia systematisch verwaarloosd. De hoogleraar arbeidsverhoudingen Paul de Beer heeft vaker beschreven dat de groei van de publieke sector de afgelopen decennia vooral plaats gevonden heeft in de ‘lijn’, in het leidinggevende kader en de overhead, en nauwelijks het uitvoerende werk ten goede is gekomen. Ondanks alarmerende berichten over dreigende personeelstekorten is er de afgelopen tien jaar niet adequaat geïnvesteerd om het werk van bijvoorbeeld verpleegkundigen in de zorg of leerkrachten in het basisonderwijs extra aantrekkelijk te maken door bijvoorbeeld hun werkdruk te verlagen of stevig te investeren in de salarissen. Als je dat niet doet, moet je niet vreemd opkijken dat steeds minder jonge mensen voor deze beroepen kiezen.

Nu al merken wij dat het in Almere de grootst mogelijk moeite kost om een vacature in het (speciaal) onderwijs te vervullen. Meerdere advertentierondes leiden vaak niet tot het gewenste resultaat; er melden zich simpelweg geen of te weinig geschikte kandidaten. Dus moet er geïmproviseerd worden en het behoeft geen betoog dat allerlei kunst- en vliegwerk de kwaliteit van het (passend) onderwijs niet ten goede komt.

Dat de leerkrachten nu massaal en vasthoudend ten strijde trekken voor het aanpakken van de werkdruk en een eerlijk salaris is dus niet af te doen als een vorm van beroepsgroepbelangenbehartiging, maar eerder als opkomen voor een algemeen publiek belang.  Zij stellen een ernstige vorm van achterstallig onderhoud aan de kaak, en mijn voorspelling is dat zij niet de enigen zijn. De komende jaren zullen meer beroepsgroepen (verpleegkundigen, thuiszorg) in hun voetspoor volgen. En begrijpelijk.

Want willen we de kwaliteit van onderwijs en zorg in dit land op een fatsoenlijk (ik zou zeggen: beschaafd) peil houden dan kan het niet anders dan dat Den Haag daar meer dan serieus werk van zal moeten maken. Het gaat immers niet om de leerkrachten of verpleegkundigen, maar iets wat veel verder strekt en ons allen raakt:  gedegen onderwijs voor onze kinderen en de menselijke zorg voor kwetsbare mensen.  Daar hebben we echt veel en goede professionals voor nodig die hun werk goed kunnen doen en daarvoor een eerlijk loon krijgen.

Ook het lot van het passend onderwijs is in grote mate afhankelijk van deze noodzakelijke investeringen in het onderwijs. Willen we leerlingen met een extra ondersteuningsbehoefte binnen het reguliere onderwijs een kans geven dan neemt de kans daarop natuurlijk niet toe als de werkdruk van leerkrachten permanent onder druk staat omdat de klassen te groot zijn of omdat ze voortdurend moeten inspringen voor zieke collega’s. Dat gaat altijd ten koste van die kinderen die net even meer aandacht nodig hebben, waardoor hun lastigheidsgraad toeneemt en de optie om hen richting speciaal onderwijs te duwen aan aantrekkelijkheid wint. En dat is nu precies niet de bedoeling.

Dus dat dinsdag 12 december onze leerkrachten voor de derde keer hun werk neerleggen en gaan staken, kan ik alleen maar toejuichen, ook al zou ik daar als werkgever speciaal onderwijs en bestuurder passend onderwijs misschien ook zo mijn bedenkingen over moeten uitspreken. Zo zijn de rollen nu eenmaal verdeeld. Maar ik doe daar niet aan mee,  omdat ik vind dat zij niet alleen voor een rechtvaardige zaak pleiten, maar een veel groter publiek belang dienen. En echt mooi vind ik dat de ene helft van onze stakende leerkrachten de dag gebruikt om zich in Utrecht aan te sluiten bij de landelijke protestdemonstratie en de andere helft bij die zorginstellingen op werkbezoek gaan, waar zij in hun werk met kinderen regelmatig te maken heeft om bij hen een kijkje in de keuken te nemen en meteen de handen uit de mouwen zullen steken. Zo wordt het een stakingsdag waar iedereen wijzer van wordt. Wie kan daar tegen zijn?